Keuzestress, jazzmuziek en duivenpoep

Je hebt van die dagen dat je niet kunt beslissen. Voor mij altijd een heikel punt, maar soms is het nog nèt wat extremer. Zo’n dag was het de dag na Hemelvaart. Mario was vrij, het was mooi weer, dus we wilden er op uit. Maar wat gingen we doen? Wandelen, shoppen, een terrasje pakken? En waar? Het werd Breda. Altijd gezellig en lekker dichtbij. Bovendien, wist mijn wederhelft te vertellen, werd dit weekend het Jazzfestival gehouden, dus extra gezelligheid. En extra drukte, dat dan weer wel… En toen begon het grote twijfelen. In mijn hoofd veranderde een idee voor een leuk dagje uit binnen no time in the worst case scenario. Want Hemelvaartweekend, dus druk. En jazzmuziek, dus lawaai. En overal prikkels, dus tics. En volle parkeergarages, en overvolle winkelstraten, en terrassen zonder ook maar één vrij plaatsje, en misschien ging het wel regenen, en ik had ook nog een blaar op mijn hiel, en smeltende poolkappen, en oorlog in Syrië, en kans op een buitenaardse invasie, en en en… Lees verder “Keuzestress, jazzmuziek en duivenpoep”

Helemaal Zen

Gisteren bezocht ik samen met mijn eega een kennismakingsworkshop Zen. Voordat het zover was, dacht ik bij Zen toch stiekem een beetje aan: Zoetsappig, Zonderling en Zweverig. Alle Z’s ten spijt, het is niks van dit alles. Je hoeft je niet in een oranje gewaad te hullen of met een verwarde hippie-look te verschijnen om je hiermee bezig te houden. Zen is voor iedereen en betekent zoveel als: aandacht voor het hier en nu. En laat ik dat nu heel goed kunnen gebruiken…

Lees verder “Helemaal Zen”

Geelzucht

Ik wist het zeker: de muren van onze woonkamer die we nog maar twee jaar geleden in de ‘modekleur’ taupe/grijs hadden geschilderd moesten een ander kleurtje krijgen en wel snel. Ik besloot dat ik dringend behoefte had aan wat vrolijkheid en dus wilde ik nog voor Pasen mijn saaie grijze wanden zonnig geel hebben. Tot ongenoegen van manlief, want die keek niet bepaald uit naar een weekend vol schilderwerkzaamheden. Toch koos hij eieren voor zijn geld, want elke man weet natuurlijk dat er weinig dingen erger zijn dan een zeurende vrouw. Zelfs een weekend lang zwoegen met kwasten en verfrollers is beter te doen, moet hij hebben gedacht. En dus ging hij aan de slag. In mijn vlaag van geelzucht liet ik in hetzelfde weekend ook meteen mijn haar blonderen, want met de lente in aantocht staat dat zo lekker zomers. Helemaal blij werd ik van al die lichte kleuren in het vooruitzicht.

Het voelde alsof ik in een levensgrote post-it block woonde

Lees verder “Geelzucht”

In memoriam: Noeky

Noeky5

Het poesje met het roze neusje sprong er meteen uit voor mij
Ze waren allemaal leuk, maar de liefste dat was jij
Een koppie als dubbelvla, half donker en half licht
En dat aparte neusje, ’t was zo’n grappig gezicht

Kroelen met je baasje was wat jij het liefste deed
Maar genieten in het zonnetje was ook aan jou besteed
Je haalde gekke streken uit, ondeugend als je was
Je verstoppen achter dozen, of in het hoge gras

Je speeltje moest in je waterbak, dan deed je haar ‘in bad’
Dan trok het water uit het bakje en werd de laminaatvloer nat
Het werd een vast ritueel en een van jouw geslaagde grappen
Als het baasje er ’s ochtends slaperig met zijn sokken in stond te trappen

Maar zag je dat grappige snuitje, met die roze neus
Dan moest je erom lachen, je had gewoon geen keus
Je was ons kleine clowntje, om jou hadden we zo vaak lol
Je was de zwakste van het nestje, maar je hield het het langst vol

Zo veel fijne momenten waarop jij ons leven verrijkte
Tot de dag waarop jouw levensweg zijn eindpunt bereikte
Ruim achttien mooie jaren heb jij bij ons mogen zijn
Nu moeten we je laten gaan en wat doet dat pijn

Lieve Noekiepoekie, kleine zonnestraal
Veel meer dan een huisdier, geliefd en heel speciaal
Dag clowntje, lief prinsesje, bedankt dat jij er bent geweest
We zullen je gaan missen, maar jou herinneren het meest

La vie c’est drôle

“Is dat een drol?”
“Waar?”
“Daar, onder de salontafel.”
“Nee joh, dat is opgedroogd kattenvoer.”
“Of een drol.”
“Nee hoor, kattenvoer.”

“Toch denk ik dat het een drol is.”
“Dat ís geen drol. Ik heb Noeky daar haar eten gegeven en dat heeft ze naast haar bakje laten vallen.”
“Het lijkt op een drol.”
“(zucht) Ik ruim het wel op, kun je zien dat het geen drol is. Hier, ik kan het zo oppakken.”
“Ruik er eens aan?”
“…”
“Dus toch een drol.”

blog_145534_small_600